Kleindiersportvereniging

 

IJmond en Omstreken

Home

Slideshow Slideshow Slideshow

 

 

     

 

 


 

 

 

 

 

 

De Gaditano's van Willem Hoolwerf

 

 

Goede Dag alle leden van onze Kleindiervereniging.

Even voorstellen wie ik ben en wat ik zoal doe voor de kost:

Mijn naam is Wim van Hoolwerf en woon in Velsennoord  2-hoog in een flat al zo’n beetje 34 jaar. Ondanks deze woning waarin wij overigens graag mogen wonen hebben wij nogal wat dieren  in ons bezit zoals daar zijn 3 poezen, 14 kippen , een vijver gevuld met zo’n 15 koi karpers , een 40-tal rollerduiven de echte naam is Birminghamrollers en een 60-tal kleurpostduiven en dan ook nog op moment van schrijven zo’n 90 stuks Gaditano’s dat zijn kropperduiven die van origine uit Zuid Spanje vandaan komen en om precies te zijn uit de omgeving van de plaats Cadiz.

 

Dan komt daar nog bij dat mijn vrouw Siny ook nog een sier-bloementuin heeft met een oppervlakte van zo’n 400 m2 en dat ik dan nog een groentetuin heb van zo’n 800 m2 en dan zit ik ook in het bestuur van onze volkstuinvereniging voor ons complex Holland op zijn Smalst ,dan begrijp je wel dat wij ons niet vervelen en ook altijd plezier hebben met onze hobby.

 

Laat ik beginnen met een stukje terug in de tijd te gaan :

In mijn jeugd moest je regelmatig bij springen thuis want het was geen vetpot daar kwam dan nog bij dat ik de oudste van de kinderen was en je begrijpt hem wel , jouw naam viel meestal als eerste. Dat had soms ook zijn leuke kanten zoals blijkt uit het volgende: Ik kreeg van mijn vader de opdracht om te zorgen dat er zaterdags altijd 2 grote jute zakken vol met paardenstekken in de schuur stonden. Deze paardenstekken ging ik dan ook halen op de Hogedijk zoals wij dat noemden anderen zeiden iets van Aagtendijk of zo, tijdens een van die dagen dat ik bijna de jutezak vol had met dat groenvoer zag  ik

in het hoge gras een jonge blauwband postduif zitten helemaal uitgewoond, ik heb die duif opgepakt en hem even met zijn kop in de sloot gehouden zodanig dat hij even wat kon drinken en dat deed hij dan ook uitgebreid. Dan moet je je voorstellen dan moet je met 2 grote jutezakken vol konijnenvoer op je fiets met dan ook nog die duif bij je naar huis fietsen maar toendertijd kon je nog wel eens zeggen “als ik rij dan rij ik”. Ik  ben zo snel mogelijk naar de buurman gerend met de duif en de volgende dag was al bekend waar de duif vandaan kwam, hij was afkomstig uit Den Haag en de eigenaar woonde in de van Slingelandtlaan dat zijn dingen die vergeet je nooit meer net als het volgende. Een paar dagen daarna werd er een brief bij ons thuis afgegeven en die brief was gericht aan mij, toen pas kwam ik erachter dat de man van die duif mij had uitgenodigd om de duif naar Den Haag te komen brengen. De brief bevatte papier geld en 2 kaartjes een voor de bus en een voor de tram en een uitgebreide beschrijving van alles wat ik onderweg zou tegenkomen. Met dit alles ben ik met mijn ouders wezen praten en toen mocht ik de duif terugbrengen.

 

Ik heb de duif teruggebracht en kwam thuis met 4 jonge postduiven en toen was het hek van de dam want er moest een hok komen, de duiven moesten gevoerd worden en wat moest je ermee dat waren zo’n beetje de reacties thuis van mijn ouders en dat was heel begrijpelijk. Toendertijd was er op de Koningstraat in Beverwijk vlakbij de melkfabriek een glashandel gevestigd daarheen gegaan en gevraagd of ik het hout van de glaskisten mocht hebben om een duiven hok te bouwen dat vonden ze wel wat en voor ik het besefte stond er zo’n klein autootje met een laadbak en werd het hout thuis gebracht. Met mijn vader en ik hebben we samen een hok getimmerd boven op de schuur van dat glaskisten hout, het moest wel dubbelwandig gemaakt worden want dat was pas echt waaibomenhout. Meteen lid geworden PV Ons Genoegen want die zat op het eind van de straat bij boer Baltus.

Er werden klussen gedaan om aan geld te komen om met de duiven te kunnen vliegen en toen heb ik het duiven baccil opgelopen en ben het ook nooit meer kwijt geraakt . Een heel leuke tijd meegemaakt maar een gebeurtenis wil ik jullie niet onthouden en wel deze.

Ik zat op het Pius XCollege op de Wilgenhoflaan naast de zusters daar en om 10 uur ‘s morgens tijdens de duitse les keek ik uit het raam naar buiten en dat was geen toeval  daar vloog mijn rooie witpen doffer over de heilig hartschool en in een boog naar het hok want hij kwam thuis uit Bordeaux. Ik heb daar de boel de boel gelaten en ben als de wiede weerga naar huis gerend en heb de gummiring van zijn poot gehaald en deze naar G de Graaff gebracht want bij hem mocht ik mijn duiven klokken.

Het toeval wil dat ik deze rode witpen van deze man had gehad als jonge duif en nog erger deze duif was veel eerder thuis dan zijn eigen duiven en daar sta je dan als veertienjarige in die duivenwereld. Deze duif was zo vroeg thuis dat hij stond lange tijd in het distrcit Haarlem op een zevende plaats maar er was nog wat wat ik van Gerard de Graaff had geleerd en dat was het poule briefje goed invullen met als resultaat dat er een koelkast werd gewonnen en dat zijn de dingen die blijven altijd bij je wat er ook gebeurt. Dit is zo’n beetje het verhaal over het begin van de duivensport van mijn kant en nik kan jullie beloven dat als je eenmaal besmet bent met het duivenvirus dan ben je ook echt besmet.

Maar nu maar terug naar heden ten dage.

Een tijd geleden deed zich een situatie voor waar ik de draad weer op kon pakken met de duiven en dat heb ik dan ook gedaan. Inmiddels hebben de medicijnen hun intrek genomen in de duivensport en dan zeg ik het nog netjes want er wordt nu ook al bloed afgenomen van de wedstrijd duiven ,die onderweg zijn naar de losplaats in het buitenland ,om deze te kunnen controleren op dopingproducten en ik ben bij verschillende duivenmelkers op bezoek geweest en die hadden een goed gevulde medicijnen kast.

Op deze manier wil ik niet met duiven omgaan en daarom heb ik gekozen om met andere duiven net zoveel plezier te hebben als de andere melkers. Via een aantal omzwervingen door het land kwam ik in aanraking met de kropperduiven die ik nu nog steeds ambieer en dat zal wel niet meer slijten. Het zijn uiteindelijk de Gaditano’s  geworden waar ik mijn hart aan heb verpand.

 

Ik kweek deze kroppers alweer een aantal jaren en mijn ervaring zegt mij dat ik met de kweek van deze kropperduiven gebruik moet maken van voedsterduiven om de eieren uit te broeden en de jongen groot te brengen en als je dan postduiven ga gebruiken heb ik bij mezelf besloten om dan ook maar gelijk de kleurpostduiven daarvoor te gebruiken. Deze duiven vliegen niet los maar verblijven het gehele jaar in een zeer ruime kweekvolière van ongeveer 10 mtr lang en 10 mtr breed en 2 mtr hoog en de duiven kunnen binnen zitten maar de gehele dag zitten de kleurpostduiven buiten in de voliere.

 

De reden om postduiven in te schakelen is tweeërlei n.l . als eerste hebben de hedendaagse gaditano’s dermate goed ontwikkelde kroppen dat al zou je ze willen laten voeren er maar weinig van terecht komt omdat de duiven dermate opgewonden zijn dat ze twee kleine jongen hebben liggen in de broedpan dat bij het voorover komen van de duif om te voeren de krop de jongen bedekt en wel zodanig dat de duiven de jongen niet kunnen zien liggen en daarbij komt ook dat als er jonge duiven in de broedpan liggen en die bedelen niet om gevoerd te willen worden dan wordt er ook niet gevoerd met alle problemen daarbij wat een duif met kleine jongen maakt automatisch pap aan om te kunnen voeren deze pap wordt niet afgenomen en blijft dan ook achter in de krop van de gaditano-ouder en dat levert weer het gevaar op van kropverzuring en met als resultaat het uiteindelijk doodgaan van de ouderdieren

 

Toegegeven het is niet het meest makkelijke duivensoort maar wel een soort waar je op een aparte manier verschrikkelijk veel plezier aan kan beleven. Het zijn enorme uitslovers en daar worden ze ook deels op gekeurd men noemt dat actie op het keurbriefje maar ik blijf erbij ik noem het uitsloverij in de goede zin. Op de komende Jongdierendag zaterdag 12 september a.s wil ik er weer een aantal tentoonstellen en dan hoop ik wederom om met de bezoekende mensen in gesprek te gaan over deze duiven net zo als het gegaan was op de Agrarische Dag dat zijn van die dagen dat je jouw hobby kan uitdragen en dat moet je dan ook doen om tevens je hobby te kunnen promoten.

Ik hoop dan ook dat er andere leden in de vereniging zijn die mijn voorbeeld willen volgen en ook eens proberen om iets van hun hobby op papier te zetten met een paar leuke foto’s daarbij dat doet het altijd weer goed.